Zonneplein

Lokaal Spaanders is een charmant, ontspannen café-restaurant op het Zonneplein in Tuindorp. Op dat plein heb ik met mijn goede vrienden K en H in de lente van 2008 een epische zondagmiddag gehad tijdens de Gasten Zonder Grenzen Matinee. Voor wie niet weet wat Gasten zonder Grenzen is en wat voor soort middag dat dan wel niet geweest moet zijn is het jammer, want het is te veel om in de door mijzelf opgelegde beknopte lengte van deze zogenaamde ‘stuckjes’ uit te leggen. Laten we het erop houden dat er gedanst werd, vaak op obscure, afgelegen locaties, zoals het Zonnehuis, gelegen tegenover Lokaal Spaanders.

Elf jaar geleden dansten we de middag naar de nacht, nu zit ik hier regelmatig ’s ochtends, alleen of met mijn vriendin, met of zonder kind(eren). Ik verbaas me er dan over hoe een plek zo’n uiteenlopende energie en betekenis kan hebben. Elf jaar geleden moest ik een halfuur fietsen om hier te komen en had ik bij aankomst eigenlijk geen idee waar ik was. Amsterdam-Noord was een onbekend stadsdeel, een door mij grotendeels onontgonnen gebied waar ik me niet thuis voelde. Een te uitgestrekt stadsdeel bovendien, met vreemde wijken, armoedig en onbezield. Steeds als ik in Noord was (niet alleen voor feestjes, maar ook voor werk; ik nam intakes voor inburgeringscursussen af. Herinner me eraan dat ik hier ook nog een keer wat over schrijf) kon ik niet wachten om weer weg te gaan. Op de pont terug naar de bewoonde wereld, naar het leven van de stad.

Maar the times they are a-changin’. Elf jaar later ben ik hier weer, maar zijn de omstandigheden gedraaid. Om hier te komen hoef ik nu maar tien minuten te lopen. De Gasten zonder Grenzen hadden wel degelijk grenzen, want ze geven al een paar jaar geen feesten meer. Een matinee is weer gewoon een theatervoorstelling en op zondag wordt er nimmer gedanst, behalve door mijn zoontje in de woonkamer.

Het Zonneplein en -huis zijn een tijdmachine geworden. Het is dezelfde plek op twee momenten in mijn leven, dat veranderd is. Toen was ik een jongen van 25, nu een vader van twee zoons. Ik kijk naar het Zonnehuis en probeer me voor te stellen hoe ik daar stond te dansen en zweten met mijn vrienden, hoe we het theater bij het kraken van de nacht achter ons lieten, niet vermoedend dat we er ooit weer zouden terugkeren. Dat deden we ook niet. In ieder geval niet om een vergelijkbare reden.

Ik zit er nu tegenover op het terras met een koffie verkeerd en deel een eipannetje met mijn vriendin, terwijl ik met mijn rechterhand de kinderwagen wieg. Ik probeer de nostalgie te onderdrukken, maar dat lukt altijd slecht. Misschien is het geen nostalgie, maar weemoed. Het is niet dat ik terugverlang naar die tijd en dat moment, meer het besef dat alle dingen voorbijgaan en niet terugkeren. Tenminste, niet in dezelfde vorm.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.