Spotify bevestigt: ik ben bijzonder

Het grote nadeel maar ook zeker voordeel van deze tijd is dat alles in kaart wordt gebracht. Alles, van het aantal stappen dat je zet, tot het aantal centiliter dat je pist en het aantal minuten dat je per dag naar plaatjes van (bijvoorbeeld) Ariana Grande of dode bevers kijkt. Spotify doet mee aan het grote Monitoren door elke week een afspeellijst (Discover Weekly) voor je te maken met muziek die je op basis van je luistergedrag zou kunnen bekoren.

Ik luister ‘m elke maand, die lijst, en hij bestaat voor 90% uit crap waarvan ik ga twijfelen aan mijn muzieksmaak. Immers, als het suggesties zijn gebaseerd op wat ik luister, en de suggesties zijn kut, dan zal de basis dat ook wel zijn, nietwaar? Maar er is dus ook 10% – laten we zeggen 3 nummers op een lijst van 30 – die ik wél goed vind. Daar het ontdekken van nieuwe muziek een van de grootste geneugten des levens is, wordt die 90% herrie al snel overvleugeld. Liefde overwint het kwaad.

De grote Monitor-Maatschappij gedijt uitermate goed bij het naderen van het einde van het jaar. Het is de tijd van het opstellen van lijstjes en daar kan een lijstjesfetisjist als Spotify niet bij achterblijven.

Volgens het Algoritme heb ik in 2018, wat nog niet voorbij is, 5.539 verschillende nummers afgespeeld. Dat zijn 15 nummers per dag. Prima, is niet onverwacht.

Wel onverwacht: de eerste artiest die ik dit jaar heb ‘ontdekt’ is Shania Twain. En zo werpt Spotify licht op een deel van mezelf dat ik nog niet kende. In de donkerte van de eerste januaridagen had ik kennelijk behoefte aan dé country-pop MILF van de jaren 90.

Mijn favoriete artiest is ‘Kinderliedjes’, wat geen artiest is, maar een verzameling van 60, voornamelijk vals gezongen, gedateerde, regelmatig sekistische en racistische en soms ronduit absurde – inderdaad – kinderliedjes, die ik voor mijn zoontje draai als hij in opstand komt tegen papa’s experimentele elektronica. Volgens Spotify heb ik 14 uur ‘doorgebracht’ met mijn favoriete artiest en was ‘het genoegen geheel wederzijds’. That don’t impress me much.

Tenslotte weet Spotify me te vertellen dat ik in totaal 40.728 minuten muziek heb geluisterd. Dat is 28 dagen, oftewel februari. En daar zit al mijn analoge ‘luistergedrag’ nog niet eens bij; de lp’s, cd’s en alle muziek die ik wel online, maar niet via Spotify luister.

Spotify heeft verder een lijst gemaakt met de 100 nummers die ik dit jaar het vaakst heb geluisterd. Wat blijkt? De top-7 bestaat geheel uit vrouwen of bands met vrouwelijke frontmannen. Ehh, frontvrouwen. Dat terwijl ik gisteren nog las dat het aantal vrouwen in de Top 2000 van Radio 2 in de afgelopen 20 jaar bijna is gehalveerd. Ik wil mijn feministische horn niet honken, maar: TOET-TOET!

Verder luister ik ‘70% vaker naar niet-mainstream muziek dan de gemiddelde Spotify-gebruiker’. Heeft mijn moeder toch gelijk: ik ben bijzonder.

Concluderend, deducerend, distillerend: lang leve het ZZP-bestaan. En ik vraag me af hoe dat zou zijn, één maand non-stop muziek luisteren, zonder te slapen, en dan de rest van het jaar niks.

Dit is geen moeilijke vraag. Het lijkt me verschrikkelijk.