Telemono

‘Bwahblabwahbla (…) Bwha(…) Blawabla (…) Jahhh (…) Jah (…) Ja ik ben dus bij de fysio geweest (…) Ja vanwege m’n rug (…) Ja ik had zo’n last toch? (…) Ja precies (…) Ja, maar anyway, ik dus naar de fysio, want ik bleef maar last houden en het ging maar niet weg, dus ik daarheen en nu blijkt dat ik een loose body part heb (…) Loose (…) Loose (…) LOOSE! (…) Ja precies, het zit los, wat ik al dacht (…) Ja een los onderdeel (…) Ja net zoals bij een auto ja (…) Nee het rinkelt niet (…) Nee het trilt niet mee als m’n telefoon gaat (…) Een monteur? Haha, leuk hoor, nee dan ga je dus naar de fysio, als mens zeg maar (…) Een los lichaamsdeel, geen moer of bout of zoiets (…) Ja hallo (…) Ja dahag (…) Ja je bent zelf een kapotte brommer (…) Mijn moeder wat? (…) Ja dahagg (…) Ja oké, nou, whatever, maar volgende week moet ik dus naar de arts (…) Ja weet ik niet, ik heb allemaal oefeningen gekregen (…) Oefeningen (…) OEFENINGEN! (…) Ja, om te oefenen zeg maar (…) Wat die gaat doen? Ja het vastzetten? Ik weet niet, het zit natuurlijk loose en dat hoort niet (…) Nee (…) Nee precies (…) Uhu (…) Maar heb jij dit weekend nog iets leuks gedaan? (…) Niet! (…) Niet! (…) Echt? Oh my Gawd! (…) Uhu (…) Uhu (…) Nee precies (…) Oké en toen? (…) Uhu (…) Uhu (…) Uhwuhh (…) Uwhuhuwhuuee (…) Whuuuuuwwzzzghfhfffffttrttt (…)’